PDF HANDLEIDING New Holland L150 Skid Steer - 3 MB

This is the official Dutch-language operator's manual (Handleiding) for the New Holland L150 Skid Steer.

It provides essential safety information, operating instructions, and daily maintenance procedures for Dutch-speaking operators.

Proper use of this manual ensures the safe and efficient use of the machine.

This document is a critical part of any operator training and job site safety program.

PDF Viewer
Viewer loads when you scroll here
SHARE THIS MANUAL
Download the PDF Manual
WAWhatsApp fFacebook 𝕏X TGTelegram ✉Email
PDF viewer loading area

Text Preview from This Manual

The text below was extracted from the visible preview pages to help you confirm the manual contents before download.

--- Page 1 ---
HANDLEIDING
                                                 L150


                               L150 SKID STEER
                                                 Skid Steer


                                                 Druknr. 84268447
                                                 1st editie
                                                 Nederlands 12/2009
                                                 Voor machines vervaardigd uit januari 2010


Your success - Our specialty

--- Page 3 ---
HOOFDSTUK 1 – ALGEMENE INFORMATIE

                                                    OFFICIËLE DOCUMENTEN
Informatie betreffende emissie luchtgeluid
Geluidsniveau
LwA = 101 dB (A)
Gegarandeerd geluidsniveau (1) bepaald volgens Europese Richtlijn 2000/14/EG.
Normaal niveau bij oor bestuurder (open cabine) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 85 dBA
Normaal niveau bij oor bestuurder (cabine met zijruiten) . . . . . . . . . . . . . . 86 dBA
Geluidsdrukniveau op bestuurdersplaats
LpA = 77 dB (A)
Equivalent A-gewogen continu emissiegeluidsdrukniveau op de bestuurdersplaats met gesloten cabinedeur en -ruiten en de
verwarmings-/airconditioningventilator werkend in stand 2, gemeten bij een identieke machine volgens ISO 6396:2008.
Informatie betreffende trillingsemissie naar de handen/armen en het hele lichaam
Het trillingsniveau waaraan de bestuurder wordt blootgesteld, is voornamelijk afhankelijk van de toestand van het terrein waar de
werkzaamheden plaatsvinden en van de bedrijfsmodus van de machine en bijbehorende uitrusting. De blootstelling aan trillingen kan
aanzienlijk worden verminderd indien de volgende aanbevelingen in acht worden genomen:
• Gebruik uitrusting die geschikt is voor de machine en de te verrichten werkzaamheden.
• Zet de stoel in de juiste stand en vergrendel deze; controleer tevens regelmatig de vering van de stoel en verricht de vereiste
   afstellingen en reparaties.
• Verricht de onderhoudswerkzaamheden voor de machine met de aanbevolen tussenperioden.
• Bedien de machine op gelijkmatige wijze en vermijd indien mogelijk abrupte bewegingen of overmatige belasting.
• Vermijd tijdens het rijden erg ruw terrein of het rijden over obstakels zoals grote stenen.
De machine is voorzien van een bestuurdersstoel die voldoet aan de norm EN ISO 7096:2000 inzake verticale trillingsinvoer onder
zware maar normale bedrijfsomstandigheden.
De bedoeling is om de blootstelling van de machinist aan trillingen te beperken. De blootstelling is afhankelijk van de
basistechnieken van machinebediening die te beheersen zijn door de instructies op te volgen die in deze handleiding zijn
opgenomen.
• De gewogen gemiddelde kwadratische versnellingswaarde van de machine-emissie waaraan de armen van de bestuurder
   worden blootgesteld, bedraagt niet meer dan 2,5 m/s2.
• De gewogen gemiddelde kwadratische versnellingswaarde van de machine waaraan het lichaam wordt blootgesteld, bedraagt niet
   meer dan 0,5 m/s2.
Deze resultaten zijn verkregen met een versnellingsmeter tijdens het laden van vrachtwagens.
N.B.: De blootstellingswaarde voor het hele lichaam wordt bepaald onder speciale terrein- en
bedrijfsomstandigheden en is dus niet representatief voor alle mogelijke bedrijfsomstandigheden binnen het
bedoelde gebruik van de machine. Deze enkele emissiewaarde voor het hele lichaam is dan ook niet bedoeld voor
het bepalen van de lichaamsblootstelling aan trillingen, zoals vereist volgens de Europese Richtlijn 2002/44/EG.
Het wordt aanbevolen om metingen uit te voeren onder representatieve bedrijfsomstandigheden. Indien dit niet
uitvoerbaar is, gebruik dan de informatie in de tabel ter referentie.
De trillingsniveaus gemeten op de stoel van de in deze handleiding opgenomen machines zijn in overeenstemming met EU-normen,
78/764/EEG, en worden hieronder aangegeven.

           Stoel, model/type                                               Trilling* m/s 2 (ft/s2) bij (proefmassa)
 MT SC78-M97/3                                          1,16 (3.80 ft/s2) at (60 kg)                     0,86 (2.82 ft/s2) at (98 kg)
 MT SC74-M91, SC78-M91                                  1,13 (3.70 ft/s2) at (60 kg)                     0,75 (2.46 ft/s2) at (100 kg)
 MT SC74-M200, SC78-M200,
                                                         1,22 (4 ft/s2) at (60 kg)                       1,06 (3.47 ft/s2) at (98 kg)
 SC84-M200, SC88-M200
 MT SC78-M30, SC88-M30                                  1,12 (3.67 ft/s2) at (60 kg)                     0,81 (2.65 ft/s2) at (100 kg)
 MT SC78-M30i, SC88-M30i                                1,12 (3.67 ft/s2) at (60 kg)                     0,95 (3.11 ft/s2) at (102 kg)

* Gecorrigeerde gewogen trillingsversnelling

1-4

--- Page 4 ---
HOOFDSTUK 2 – VEILIGHEID EN VEILIGHEIDSTICKERS

VEILIGHEID I.V.M.                                               RISICO'S VEROORZAAKT DOOR TRILLINGEN
NUTSVOORZIENINGEN                                               VOORKOMEN
                                                                De trillingen van de machine zijn van invloed op het comfort
De veiligheidsmaatregelen MOETEN nageleefd worden als u
                                                                en in sommige gevallen op de gezondheid en veiligheid van
in de nabijheid van ondergrondse of bovengrondse leidingen
                                                                de machinist. Minimaliseren van de trillingsrisico's:
werkt.
                                                                 1. Zorg ervoor dat de machine, de uitrusting en de
Het is goed mogelijk dat u tijdens het gebruik van de machine       gereedschappen geschikt zijn voor het uit te voeren
rondom of vlakbij ondergrondse of bovengrondse leidingen            werk.
zult werken. Bijvoorbeeld:
                                                                 2. Zorg ervoor dat de machine in goede staat is en dat de
   • Elektrische leidingen                                          onderhoudsbeurten zijn uitgevoerd.
   • Gasleidingen                                                3. Controleer de afstelling van de rupsspanning en de
   • Waterleidingen                                                 speling in de stangenstelsels van de uitrusting.
   • Communicatieleidingen – Telefoon- of televisiekabel         4. Zorg ervoor dat de bestuurdersstoel en de
   • Riolering                                                      afstellingshendels in goede staat verkeren en stel de
                                                                    stoel vervolgens af op de lengte en het gewicht van de
BELANGRIJK: Voordat u aan het werk gaat, is het uw                  bestuurder. De bestuurdersstoel voldoet aan de eisen
eigen verantwoordelijkheid om dergelijke ondergrondse               van norm ISO 7096, 2000, klasse EM 6 (stoelcoëfficient
en bovengrondse leidingen in uw projectgebied in kaart              < 0,7).
te brengen en te vermijden.
                                                                Tijdens het werk:
Vraag ALTIJD aan alle plaatselijke nutsbedrijven de locatie
van hun leidingen aan te geven.                                  1. Gebruik de bedieningshendels rustig en gelijkmatig
                                                                    zodat de machine soepel werkt.
                                                                 2. Pas de machinebediening aan de werkomstandigheden
BELANGRIJK:         Vraag     bij   de     plaatselijke             aan.
overheidsinstanties welke wetten, verordeningen en/of            3. Pas tijdens het rijden op de weg de snelheid van de
strafmaatregelen er bestaan in verband met het                      machine aan en minder zo nodig vaart.
lokaliseren en vermijden van de bestaande
voorzieningen.                                                   4. Zorg ervoor dat de werkactieradius van de machine in
                                                                    een goede toestand is en vrij is van obstakels en gaten.


RH99G001                                         Afbeelding 3
BEL ALLE PLAATSELIJKE NUTSBEDRIJVEN VOORDAT U DE
         MACHINE OP ENIGE WIJZE GEBRUIKT


Nadat de plaats van eventuele ondergrondse kabels en
leidingen is vastgesteld, graaft u met de hand en/of met
automatische vacuümapparatuur voorzichtig een gat naar de
leiding om locatie en diepte te controleren.


2-4

--- Page 5 ---
HOOFDSTUK 2 – VEILIGHEID EN VEILIGHEIDSTICKERS

NOODUITGANG

           WAARSCHUWING: Stap nooit uit de Skid
           Steer Variabak als de hefarmen en het hulp-
           stuk niet op de grond rusten. Als u zich hier
           niet aan houdt, kan ernstig of dodelijk letsel
           het gevolg zijn.
                                                Afbeelding 22


                1


BD07D173                                        Afbeelding 23
 1. LABEL NOODUITGANG VIA RAAM

Het achterraam kan verwijderd worden en dient dan als
nooduitgang voor de bestuurder als de uitgang via de
voorkant geblokkeerd is.
Om het achterraam te verwijderen trekt u aan de lip en
verwijdert u de raamlijststrip.


               1


87026871                                        Afbeelding 24
       AFBEELDING LABEL NOODUITGANG VIA RAAM

Het achterraam kan verwijderd worden en dient dan als
nooduitgang voor de bestuurder als de uitgang via de
voorkant geblokkeerd is.
Om het achterraam te verwijderen trekt u aan de lip en
verwijdert u de raamlijststrip. Druk op de onderste helft van
het raam om het uit de lijst te drukken.
BELANGRIJK: Als het achterraam verwijderd is om uit
te stappen, plaatst u daarna de raamlijst terug en zet u
het raam met de raamborgstrip op zijn plaats vast
voordat u de Skid Steer Variabak weer gebruikt.
2-14

--- Page 6 ---
HOOFDSTUK 3 – INSTRUMENTEN EN BEDIENINGSORGANEN

                     AANTEKENINGEN


3-2

--- Page 7 ---
HOOFDSTUK 3 – INSTRUMENTEN EN BEDIENINGSORGANEN

AIC (GEAVANCEERD INSTRUMENTENPANEEL)

                                                                        15. Functieschakelaar parkeerrem,
                                                                            lader / grondaandrijving:
                                                                        Druk op deze schakelaar om de functies van de
                                                                        hydraulische lader in te schakelen en de
                                                                        SAHR-rem los te zetten. Door de knop
                                                                        vervolgens herhaaldelijk in te drukken schakelt
                                                                        u de SAHR -rem in en uit, zonder dat de
                                                                        functies van de hydraulische lader worden
                                                                        beïnvloed.
                                                             BS96H049                                     Afbeelding 51

                                                                        16. Annuleerfunctie externe
                                                                             hydraulische
                                                                             veiligheidsvergrendeling:
                                                                        Als de bestuurder van de stoel opstaat, wordt
                                                                        normaliter de oliestroom naar een hulpstuk
                                                                        onderbroken doordat de motor afslaat of door
                                                                        rechtstreekse afsluiting van de hydraulische
                                                                        oliestroom. Druk deze knop in en sta dan
       13                                     14                        binnen dertig seconden op als u deze
                                                                        beveiliging wilt annuleren. Een rood
                                                                        controlelampje onder de schakelaar gaat aan
                                                                        als de beveiliging wordt geannuleerd.
       16                                      15            BS04F101                                     Afbeelding 52


BD07C028                                     Afbeelding 48
Bovenstaande vier schakelaars die op deze pagina worden
beschreven, worden ook gebruikt voor het AIC SETUP-menu
voor de bestuurder op de volgende pagina.

            13. Wegverlichting:
            Druk het symbool voor wegverlichting op deze
            schakelaar in om de wegverlichting aan te
            zetten. Druk de schakelaar nogmaals in om
            weer uit te zetten. Het groene controlelampje
            boven de schakelaar gaat aan als de lampen
            worden ingeschakeld.
BC00B134                                     Afbeelding 49

            14. Schijnwerpers:
            Druk het schijnwerpersymbool op deze
            schakelaar in om de schijnwerpers in te
            schakelen. Druk de schakelaar nogmaals in om
            ze weer uit te zetten. Het groene
            controlelampje boven de schakelaar gaat aan
            als de lampen worden ingeschakeld.
BS98M061                                     Afbeelding 50


3-12

--- Page 8 ---
HOOFDSTUK 3 – INSTRUMENTEN EN BEDIENINGSORGANEN

GASHENDELS


                         1
                                                                                  2


BD06F231 / BD06F232                                                                   Afbeelding 71
 1. HANDBEDIENDE GASHENDEL IN LAAG-STATIONAIRSTAND
 2. HANDBEDIENDE GASHENDEL IN HOOG-STATIONAIRSTAND

N.B.: Voor de meeste werkomstandigheden is volgas
vereist.


                      BELANGRIJK
              VOLG TER VOORKOMING VAN
              ERNSTIGE SCHADE AAN DE MOTOR
              EN DE HYDRAULISCHE ONDERDELEN
              DE ONDERSTAANDE PROCEDURES:
                 STARTEN VAN DE MOTOR
              Zet de snelheidsregelhendel in de stand
              1/3 tot 1/2 voordat u de motor start. Bij
              TEMPERATUREN onder het vriespunt
              laat u de motor de eerste 3 minuten na
              het starten NIET SNELLER DRAAIEN
              DAN 1500 TPM.
                      UITZETTEN MOTOR
              Laat de motor na vollast 1 minuut met
              laag stationair toerental draaien
              alvorens de motor uit te zetten.


87586456                                                  Afbeelding 72
Zie deze sticker over de start- en uitschakelprocedure aan de
binnenkant van het rechter schutbord van de cabine.


3-22

--- Page 10 ---
HOOFDSTUK 4 – BEDIENINGSINSTRUCTIES

                                              BEDIENING VAN DE MOTOR
ACTIEVE INSPECTIE                                                   1. Stel de stoel af en maak uw veiligheidsgordel vast.
Doe het volgende elke dag voordat u de motor start:                 2. Gebruik de claxon om anderen te waarschuwen wat u
 1. Controleer op lekkage onder de machine.                            van plan bent.
 2. Controleer de spanning en toestand van de banden.               3. Duw de gashendel ongeveer 25 mm (1 in.) naar voren.
 3. Controleer de machine en de uitrusting op slijtage,             4. Draai de contactschakelaar naar AAN en kijk naar de
    schade en ontbrekende of defecte onderdelen.                       EIC-lampjes. Als het roosterverwarmingslampje gaat
 4. Controleer de machine op vuil, vooral in de omgeving               branden, moet u wachten tot het uitgaat voordat u de
    van de motor en de radiateur. Zorg dat deze gebieden               motor start.
    schoon zijn.                                                    5. Als de Skid Steer Variabak is uitgerust met externe
 5. Reinig of vervang onleesbaar geworden veiligheids- of              hydrauliek, controleer dan of alle bedieningsorganen in
    instructiestickers.                                                neutraal staan.
 6. Reinig opstapjes, handgrepen en bestuurderscabine.              6. Draai de contactsleutel naar START. Laat na het starten
    Verwijder alle losse voorwerpen uit de bestuurderscabine.          van de motor de sleutel terugkomen naar LOPEN.
 7. Zie de Onderhoudstabel in deze handleiding en voer de          De motor moet binnen 30 seconden starten. Als de motor niet
    onder 10 uur vermelde werkzaamheden uit.                       start, laat u de startmotor een minuut afkoelen en dan begint
                                                                   u van voren af aan door de contactsleutel naar UIT te draaien
DE MOTOR STARTEN                                                   en vervolgens weer naar AAN.
Het EIC bestuurt de brandstofsolenoïde, de voorverwarmings-        Probeer de motor niet langer dan 30 seconden achter elkaar
circuits en de regelklepspoelvergrendeling van de hefarm en        te starten.
laadbak. Als de bestuurder op de stoel gaat zitten, lichten alle
functies op het EIC-paneel ongeveer drie seconden op. Het          BELANGRIJK: Als de machine voortdurend bij lage
EIC is op dat moment bezig de elektrische circuits te contro-      temperaturen gebruikt gaat worden, neem dan contact op
leren. Alle lampjes gaan uit, alleen de laatst bekeken functie     met uw dealer voor de juiste olie.
en de parkeerrem blijven branden en het veiligheidsgordel-         ALTIJD de motor en het hydraulisch systeem op laten
lampje knippert totdat de bestuurder de gordel omdoet, het-        warmen voordat u de machine belast.
geen het EIC registreert. Het veiligheidsgordellampje gaat
                                                                    7. Houd na het starten van de motor de controlelampjes in
dan uit, zodat de lader gebruikt kan worden.
                                                                       het oog om te zien of de machine normaal functioneert.

        WAARSCHUWING: Onder geen beding                            MOTORTOERENTAL
        mag in deze machine ether of een andere
                                                                   Laat de motor niet langdurig stationair draaien. Dit kan een
        startvloeistof worden gebruikt. De machine is
                                                                   lage bedrijfstemperatuur tot gevolg hebben, die tot zuurvor-
        uitgerust met een motorvoorverwarmingssys-
                                                                   ming en sedimentatie in de motorolie leidt. Wij adviseren de
        teem voor koude start.
                                                                   motor alleen met volledig open gas te laten draaien als de
                                                   Afbeelding 3    werkomstandigheden het toelaten en het veilig is.
        WAARSCHUWING: Voordat u de motor                           BELANGRIJK: Motoren met turbocharger: Als de
        start, dient u de gebruikshandleiding en de                motor tijdens normaal gebruik afslaat, start u
        veiligheidsstickers voor deze machine te                   onmiddellijk weer. Zo voorkomt u schade aan de
        lezen en te begrijpen. Draag ALTIJD de vei-                turbocharger.
        ligheidsgordel. Verzeker u ervan dat niemand
        zich in de buurt van de machine bevindt.
        Gebruik de claxon voordat u start om de
        omstanders te waarschuwen wat u van plan
        bent.
                                                   Afbeelding 4


4-4

--- Page 11 ---
HOOFDSTUK 4 – BEDIENINGSINSTRUCTIES

De laadbak weer in de laadstand zetten
Begin direct na het volledig leegstorten van de laadbak met
het terugkantelen, terwijl u de machine achteruit wegrijdt van
de stortplaats. De laadbak al in positie brengen voor vulling
terwijl u de hefarm omlaag brengt, is een goede manier om
tijd te besparen. De hoogte van de laadbak kan fijn worden
afgesteld terwijl de Skid Steer Variabak vooruit begint te rij-
den voor de vulcyclus, waardoor u tijdverlies tussen de stort-
en de vulcyclus vermijdt.
Grond schuiven met de laadbak
Met behulp van een juiste kanteling van de laadbak kan de
Skid Steer Variabak als grondschuif worden gebruikt.
De Skid Steer Variabak kan voor grondegalisatie worden
gebruikt door de laadbak in de stortstand te zetten en achter-
uit over de losse grond te laten schuiven. De hoeveelheid
grond die wordt verschoven hangt af van de stand van de
laadbak.
Plaats de regelklepspoel voor de hefarm in de arreteerstand
zodat de laadbak het grondreliëf volgt en op lage plekken
grond achterlaat.
BELANGRIJK: Duw met de hefarm geen voorwerpen
volledig omhoog want dan kunnen de cilinders van de
hefarm of de hefarm zelf schade oplopen.
BELANGRIJK: Duw niet vooruit met de laadbak in
volledige stortstand, want dan kunnen de laadbakcilinders
beschadigd worden.
Een in de modder vastgelopen machine
lostrekken
Meestal kan een lader die in modder is vastgelopen, met
behulp van de laadbak naar vastere grond worden geduwd.
Hierbij wordt de laadbak volledig naar beneden gekanteld
terwijl de hefarm omlaag wordt gezet. Vervolgens wordt de
laadbak teruggekanteld terwijl de stuurbedieningshendels
naar achteren worden getrokken. Als de laadbak los komt
van de grond, zet u de stuurbedieningshendels direct terug in
neutraal. Laat de wielen niet loos ronddraaien. Herhaal deze
cyclus net zo vaak als nodig is om de machine naar vaste
grond te verplaatsen.

        WAARSCHUWING: Als de Skid Steer
        Variabak voorover begint te vallen terwijl de
        hefarm omhoog staat, laat u de hefarm en de
        lading onmiddellijk zakken om de Skid Steer
        Variabak weer stabiel te krijgen.
                                                 Afbeelding 39


4-14

--- Page 12 ---
HOOFDSTUK 5 – SMERING, FILTERS EN VLOEISTOFFEN

OMHOOGSTAND BESTUURDERSSTOEL VOOR REPARATIES EN ONDERHOUD
De bestuurdersstoel en de stoeldraagconstructie kunnen          De stoel loszetten:
omhoog worden geklapt en daar vastgezet voor toegang tot het     1. Duw de stoel omhoog naar de bovenkant van de cabine
transmissiegebied voor afstellings- en reparatieprocedures.         en trek de draagstang (3) naar voren, zodat hij loskomt
                                                                    en de stoelconstructie omlaagkomt.
                                                                 2. Controleer als de stoel helemaal omlaag is gekomen of
                                                  3                 de stoelgrendel (2) in de gebruiksstand vergrendeld is
         1                                                          door de voorkant van de stoel omhoog te trekken.
                                                  2              3. Controleer of de veiligheidsgordel niet bekneld is tussen
                                                                    de stoelgrendel.

                                                                       WAARSCHUWING: Gebruik de Skid Steer
                                                                       Variabak uitsluitend als de stoel in de
                                                                       gebruiksstand vergrendeld is.
                                                                                                                Afbeelding 17

                                                                       WAARSCHUWING: Controleer voor het
                                                                       gebruik van de veiligheidsgordel en het in
012                                             Afbeelding 14
                                                                       werking zetten van de machine of de veilig-
Opklappen van de stoel:                                                heidsgordel niet tussen de stoelvergrende-
  1. Schuif de stoel volledig naar achteren met behulp van de          ling bekneld is geraakt.
     hendel voor afstellen naar voren / achteren (1).                                                           Afbeelding 18

  2. Maak de stoelgrendel (2) los en trek de voorkant van de
     stoel omhoog. Duw de stoelconstructie omhoog in de
     cabine tot de draagstang (3) naar achteren in de
     vergrendelde vaste stand staat.


SUPPORT_ROD                                     Afbeelding 15
STOELDRAAGSTANG IN VERGRENDELDE STAND OMHOOG


        WAARSCHUWING: Werk niet onder een
        stoel en stoeldraagconstructie die omhoog
        staat tenzij de stoelconstructie goed vastzit in
        de hoge stand.
                                                Afbeelding 16


5-6

--- Page 13 ---
HOOFDSTUK 5 – SMERING, FILTERS EN VLOEISTOFFEN

ELKE 10 UUR OF DAGELIJKS
CONTROLEER DE VEILIGHEIDSGORDEL /
STOELBLOKKEERSCHAKELAAR
De stoel- en veiligheidsgordelschakelaar voor hefarm- en
laadbakblokkering blokkeert beweging van de hefarm- en de
laadbakregelklepspoel wanneer de regelklepspoelen in
neutraalstand staan, als de bestuurder de veiligheidsgordel
losmaakt of uit de stoel opstaat terwijl de contactschakelaar
aan staat.
De werking van de blokkering controleren:
    A. Zorg dat de hefarm volledig omlaag staat en dat het
       hulpstuk leeg is.
    B. Trek de parkeerrem aan.
    C. Start de motor en laat hem stationair draaien.
    D. Zet de bedieningsorganen en klepspoelen van de
       hefarm en laadbak in neutraal.
    E. Maak de veiligheidsgordel los en probeer de hefarm-
       en laadbakbedieningsorganen te verzetten. De
       bedieningsorganen en klepspoelen moeten
       vergrendeld zijn.
    F. Doe de veiligheidsgordel om, houd de zijhandgrepen
       in de cabine vast, kom met uw lichaam hoogstens
       25 mm (1 in.) omhoog uit de stoel en probeer de hef-
       arm- en laadbakbedieningsorganen te verzetten. De
       bedieningsorganen en klepspoelen moeten vergren-
       deld zijn.
    G. Als de regelklepspoelen niet goed vergrendeld zijn,
       dient u contact op te nemen met uw dealer.


5-16

--- Page 14 ---
HOOFDSTUK 5 – SMERING, FILTERS EN VLOEISTOFFEN

EERSTE 250 UUR
EERSTE CONTROLE
AANDRIJFKETTINGSPANNING
U dient op een nieuwe machine of bij nieuwe kettingen de
spanning op de vier aandrijfkettingen na de eerste 250 uur te
controleren.

                                                                                1                               1
                                                                            1                                          1


                                                                CHAIN_ADJ                                       Afbeelding 70
                                                                 1. BORGMOEREN (LINKSVOOR AFGEBEELD)
                                                                Elke wielasaandrijfketting kan worden versteld door de borg-
BS04H104                                        Afbeelding 67   moeren los te draaien en de wielas / naafconstructie te ver-
Zet de machine op blokken, draai aan elke band en               schuiven tot de overmatige speling weg is.
controleer de toegelaten speling. 0 tot 1/4 in. is het          Om de kettingen te spannen schuift u de voorwielas / naaf
aanvaardbare bereik.                                            naar voren en de achterwielas / naaf naar achteren.
AFSTELLEN AANDRIJFKETTINGEN                                     Haal het wielasborgingsmateriaal aan tot 190 Nm (140 lb-ft).
Voor afstellen van de eindaandrijfkettingen krikt u de Skid
Steer Variabak volledig op en zet u hem stevig op blokken.


BD04G024                                        Afbeelding 68
Zet de machine stevig op blokken.

           WAARSCHUWING: Gebruik goede blokken
           om er zeker van te zijn dat de Skid Steer
           Variabak goed gestut is, met alle vier de wie-
           len van de grond.
                                                Afbeelding 69


5-26

--- Page 15 ---
HOOFDSTUK 5 – SMERING, FILTERS EN VLOEISTOFFEN


5-36

--- Page 16 ---
HOOFDSTUK 7 – ELEKTRA

       AANTEKENINGEN


7-2

--- Page 17 ---
HOOFDSTUK 8 – SPECIFICATIES

GEWICHTEN

SAE-BEDRIJFSGEWICHT LADER
    Totaal ............................................................................................................................................................2041,2 kg (4500 lbs)
    Vooras .............................................................................................................................................................680,4 kg (1500 lbs)
    Achteras ........................................................................................................................................................1360,8 kg (3000 lbs)
TRANSPORTGEWICHT, BASISEENHEID, MET 4 GAL. BRANDSTOF, BANDEN,
ZONDER LAADBAK EN BESTUURDER
  ......................................................................................................................................................................1854,3 kg (4088 lbs)


8-6

View the complete manual on HeyDownloads →