PDF Operator's Manual New Holland W170C Tier4B - 7 MB
This operator's manual (Bedieningshandboek / GEBRUIKERSHANDLEIDING) is the complete guide for the New Holland W170C Tier4B wheel loader.
Written in Dutch, it covers all aspects of machine operation, safety features, and regular maintenance schedules.
Following the procedures outlined in this manual is key to maximizing the loader's efficiency and service life.
It is an essential document for every operator and site manager.
PDF Viewer
Viewer loads when you scroll here
SHARE THIS MANUAL
Download the PDF Manual
PDF viewer loading area
Text Preview from This Manual
The text below was extracted from the visible preview pages to help you confirm the manual contents before download.
--- Page 1 ---
OORSPRONKELIJKE INSTRUCTIES - conform richtlijn 2006/42/EG, Annex I, 1,7.4,1
GEBRUIKERSHANDLEIDING
W170C Tier4B
Bedieningshandboek
Onderdeelnummer 47686988
1e editie Nederlands
mei 2015
--- Page 3 ---
1 - ALGEMENE INFORMATIE
Elektromagnetische compatibiliteit (EMC)
Deze machine voldoet strikt aan de Europese voorschriften voor elektromagnetische emissies. Er kan echter in-
terferentie optreden door de toevoeging van apparatuur die niet voldoet aan de vereiste normen. Daar dergelijke
interferentie kan leiden tot ernstige defecten van de unit en/of onveilige situaties, moet u zich houden aan het vol-
gende:
• Controleer of elk niet- New Holland-materieel dat u aanbrengt op de machine is voorzien van een CE-markering.
• Het maximale vermogen van stralingsapparatuur (radio, telefoons enz.) moet beneden de grenzen liggen die zijn
vastgesteld in de nationale regelgeving van het land waarin de machine wordt gebruikt.
• Het elektromagnetische veld dat het extra systeem genereert, mag nooit sterker zijn dan 100 V/m in de buurt van
elektronische componenten.
Indien u zich niet houdt aan deze regels, vervalt de NEW HOLLAND CONSTRUCTION-garantie.
1-5
--- Page 4 ---
1 - ALGEMENE INFORMATIE
LEIL15WHL0480HA 1
1-15
--- Page 5 ---
2 - VEILIGHEIDSINFORMATIE
Voorzorgsmaatregelen met betrekking tot onderhoud
• Probeer geen reparaties uit te voeren als u daarvoor • Hydraulische olie of dieselbrandstof die onder druk uit
niet bent getraind. Raadpleeg handleidingen en vraag het systeem spuit, kan door de huid dringen en infec-
ervaren reparatiepersoneel om hulp. ties of ander letsel veroorzaken. Om letsel te voorko-
men: laat de druk volledig af voordat u vloeistofleidin-
• Voordat u servicewerkzaamheden aan de machine uit-
gen loskoppelt of werkzaamheden aan het hydraulisch
voert, moet u altijd een label met de tekst "NIET BE-
systeem uitvoert. Controleer of alle aansluitingen goed
DIENEN" aanbrengen op het contactslot. Zorg ervoor
vastzitten en of alle onderdelen in goede staat verke-
dat de machine duidelijk is gelabeld.
ren voordat u een systeem onder druk brengt.
• Draag een veiligheidsbril en overige vereiste veilig-
heidsuitrusting wanneer u service- of onderhouds- • Gebruik een stuk karton, krant of hout om te controle-
ren op lekkage in systemen die onder druk staan, om
werkzaamheden aan de machine uitvoert.
te voorkomen dat vloeistof de huid binnendringt. Breng
• Draag handschoenen om uw handen te beschermen accumulatoren onder druk met het juiste gas overeen-
bij het hanteren van kabels. komstig de aanbevelingen van de fabrikant.
• Koppel de accuklem los van de accupool voordat u • Gebruik bij het oppompen van de banden een zelfkop-
werkzaamheden gaat verrichten aan het elektrische pelende oppompslang met uitschakeling op afstand, en
systeem. Wees u bewust van de gevolgen van het blijf uit de buurt van de band. Ga naast de band staan
loskoppelen van elektronische of computerapparatuur. en niet naast de velg.
• Voorkom dat de machine wordt gesmeerd of mecha- • Slepen van deze machine wordt afgeraden.
nisch wordt afgesteld terwijl deze in beweging is of ter-
wijl de motor draait. Als de motor moet draaien om be- • Indien het absoluut noodzakelijk is om de machine te
slepen, mag u de aanbevolen sleepsnelheid niet over-
paalde afstellingen uit te voeren, zet dan de transmissie
schrijden. Zorg ervoor dat de slepende machine vol-
in de vrijstand, schakel het stuurslot en de parkeerrem
doende remvermogen heeft om de gesleepte last tot
in, zet de bak/het werktuig in een veilige stand, blok-
stilstand te brengen. Indien de gesleepte machine niet
keer de wielen goed en wees uiterst voorzichtig.
kan worden geremd, moet er een trekstang worden ge-
• Zet de machine en eventuele componenten die kunnen bruikt of moet er gebruik worden gemaakt van twee sle-
vallen goed vast voordat werkzaamheden gaat verrich- pende machines: één vóór de gesleepte machine, voor
ten op de machine of het onderdeel. Gebruik, indien het slepen, en één achter de gesleepte machine, als
mogelijk, bovendien een extra blokkering. 'rem'. Vermijd slepen over lange afstanden.
• Blokkeer, om onverwachte beweging te voorkomen, • Houd u altijd aan de juiste onderhoudsprocedures.
werkende elementen goed tijdens reparaties of tijdens
het vervangen van onderdelen van werktuigen, zoals • Vervang altijd alle ontbrekende, onleesbare of be-
schadigde veiligheidsaanduidingen of -stickers naar
snijranden.
behoefte. Houd alle veiligheidsaanduidingen en -stick-
• Voer nooit reparaties uit aan componenten die onder ers schoon een leesbaar.
druk staan door een vloeistof, gas of mechanische on-
derdelen, zonder eerst de druk af te laten conform de Houd u aan de juiste onderhoudsprocedures
instructies van de fabrikant.
• Wees uiterst voorzichtig bij het verwijderen van de radi- • Gebruik bij servicewerkzaamheden aan of het vervan-
ateur-, reservoir- of tankdop, aftappluggen, smeernip- gen van geharde pennen, etc. een messing doorslag of
pels of drukkranen. Parkeer de machine en laat deze ander geschikt materiaal tussen de hamer en de pen.
afkoelen, voordat u een onder druk staande tank opent. Alternatief: gebruik een messing hamer, doorslag of
ander geschikt materiaal op de pen, enz.
• Laat alle druk af voordat u werkzaamheden uitvoert aan
systemen met een accumulator. • Houd de remmen en stuurinrichting in goede conditie.
2-9
--- Page 6 ---
2 - VEILIGHEIDSINFORMATIE
Ecologie en het milieu
Kwaliteit van bodem, lucht en water is van belang voor alle sectoren en voor het leven in het algemeen. In die ge-
vallen waarin wetgeving nog niet bepaalt hoe sommige substanties die nodig zijn voor geavanceerde technologie,
moeten worden behandeld, moet u zich door uw gezond verstand laten leiden bij het afvoeren van chemische en
petrochemische producten.
OPMERKING: hieronder staan aanbevelingen die u kunnen helpen:
• Zorg ervoor dat u bekend bent met de betreffende wetgeving die voor uw land van kracht is, en dat u deze begrijpt.
• Indien er geen sprake is van wetgeving dient bij de leveranciers van oliën, filters, accu's, brandstoffen, antivries,
reinigingsmiddelen enz. u informatie te vragen over het effect van deze producten op mens en natuur en over het
veilig opslaan, gebruiken en afvoeren van deze stoffen. Uw NEW HOLLAND CONSTRUCTION-dealer kan ook
hulp bieden.
Nuttige tips
• Vul tanks liever niet met behulp van jerrycans of vulsystemen met onvoldoende druk. Zulke vulsystemen kunnen
leiden tot morsen op grote schaal.
• Vermijd in het algemeen huidcontact met alle brandstoffen, oliën, zuren, oplosmiddelen, enz. De meeste van zulke
producten bevatten substanties die schadelijk kunnen zijn voor uw gezondheid.
• Moderne oliën bevatten additieven. Verstook geen verontreinigde brandstoffen en/of afgewerkte olie in gewone
verwarmingssystemen.
• Vermijd morsen bij het aftappen van vloeistoffen zoals gebruikte motorkoelvloeistof, motor-, versnellingsbak- en
hydraulische olie, remvloeistof, etc. Vermeng afgetapte remvloeistof of brandstof niet met smeermiddelen. Sla alle
afgetapte vloeistoffen veilig op totdat ze op de juiste manier afgevoerd kunnen worden in overeenstemming met de
plaatselijke regelgeving en de beschikbare voorzieningen.
• Zorg ervoor dat er geen koelvloeistofmengsels in de bodem terechtkomen. Vang koelvloeistofmengsels naar be-
horen op en voer ze op de juiste wijze af.
• Open het aircosysteem niet zelf. Het bevat gassen die niet mogen vrijkomen in de atmosfeer. Uw NEW HOLLAND
CONSTRUCTION-dealer of aircospecialist heeft speciale apparatuur hiervoor en kan het systeem op de juiste wijze
hervullen.
• Repareer lekken of storingen in het koelsysteem van de motor of het hydraulisch systeem direct.
• Verhoog nooit de druk in een circuit dat onder druk staat, aangezien dit kan ertoe leiden dat componenten defect
raken.
• Bescherm slangen tijdens laswerkzaamheden. Spetters lasmateriaal kunnen een gat in de slang branden of kun-
nen deze aantasten, waardoor olie, koelmiddel, enz. kan gaan lekken.
Recycling van accu's
Accu's en elektrische accumulatoren bevatten verschil-
lende stoffen die een schadelijk effect op het milieu
kunnen hebben wanneer de accu's na gebruik niet op
juiste wijze worden gerecycled. Onjuiste verwijdering
van accu's kan leiden tot verontreiniging van bodem,
grondwater en waterstromen. NEW HOLLAND CON-
STRUCTION beveelt sterk aan alle gebruikte accu's en
batterijen terug te brengen naar een NEW HOLLAND
CONSTRUCTION-dealer, die de gebruikte accu's of bat-
terijen afvoert of op de juiste wijze recyclet. In bepaalde
landen is dit wettelijk verplicht.
2-19
--- Page 7 ---
2 - VEILIGHEIDSINFORMATIE
Gebruik de veiligheidsgordel
RCIL10WHL302BAL 3
Deze veiligheidssticker met WAARSCHUWING bevindt
zich op de steun in de cabine. Zie “Veiligheidsgordels”
– hoofdstuk 2 in deze handleiding voor meer informatie.
WAARSCHUWING — Voorkom beknelling. Spring
niet van de machine indien de machine omslaat.
Gebruik de veiligheidsgordel. Als u zich niet aan
deze waarschuwing houdt, kan dit leiden tot ernstig of 386241A1 4
dodelijk letsel.
ISO-stickernummer: 386241A1
Lees de bedieningshandleiding
RCIL10WHL302BAL 5
Deze veiligheidssticker met WAARSCHUWING bevindt
zich in de cabine.
WAARSCHUWING — Lees de Bedieningshandleiding.
Maak de veiligheidsgordel vast. Geen meerijders.
Houd andere personen op afstand. Als u zich niet aan
deze waarschuwing houdt, kan dit leiden tot ernstig of
dodelijk letsel. 256147A1_ 6
ISO-stickernummer: 256147A1
2-29
--- Page 8 ---
2 - VEILIGHEIDSINFORMATIE
Gevaar voor verstrikt raken
LEIL13WHL0238AA 43
Deze veiligheidssticker met WAARSCHUWING bevindt
zich aan de linker- en rechterkant van de machine, nabij
de ventilatormantel.
WAARSCHUWING — Gevaar voor verstrikt raken.
Blijf uit de buurt of zet de motor uit voordat u
servicewerkzaamheden uitvoert. Als u zich niet aan
deze waarschuwing houdt, kan dit leiden tot ernstig of 87488609_ 44
dodelijk letsel.
ISO-stickernummer: 87488609
Explosiegevaar
LEIL13WHL0238AA 45
Deze veiligheidssticker met WAARSCHUWING bevindt
zich aan de linker- en rechterkant van de machine, nabij
de ventilator.
WAARSCHUWING — Explosiegevaar. Gebruik geen
ether. Als u zich niet aan deze waarschuwing houdt,
kan dit leiden tot ernstig of dodelijk letsel.
ISO-stickernummer: 8603095 8603095 46
2-39
--- Page 9 ---
3 - BEDIENINGSELEMENTEN EN INSTRUMENTEN
3 - BEDIENINGSELEMENTEN EN INSTRUMENTEN###_3_###
Toegang tot het bestuurdersplatform
Correct instappen en uitstappen
Treden en handgrepen
WAARSCHUWING
Gevaar van vallen!
Reinig de opstaptreden en handgrepen om
alle sporen van vet, olie, modder en ijs (win-
ter) te verwijderen.
Als u zich hier niet aan houdt, kan dit leiden
tot ernstig of dodelijk letsel.
W0139A
Gebruik de treden en handgrepen wanneer u van de ma-
chine af of erop klimt. Gebruik minstens drie steunpunten
wanneer u op de machine en eraf klimt. De cabinedeur
moet geblokkeerd zijn in de volledig geopende of volledig
gesloten positie, voordat u de handgreep van de deur ge-
bruikt.
WAARSCHUWING
Gevaar van vallen! 0R0B201012RCPH1 1
Vergrendel de portieren van de cabine altijd
in de volledig geopende of volledig gesloten
stand voordat u de handgrepen op de portie-
ren gebruikt.
Als u zich hier niet aan houdt, kan dit leiden
tot ernstig of dodelijk letsel.
W0133A
Cabinedeur
Deurgreep en deurslot - Gebruik de sleutel om de deur
vanaf de buitenkant van de machine af te sluiten of open
te maken. Gebruik de deurhandgreep om de deur vanaf
de buitenkant open te maken.
Om de deur te blokkeren, hem volledig openen tot hij op
zijn plaats vergrendelt tegen de cabine aan. Om de deur
te sluiten gebruikt u de deblokkeerknop.
OPMERKING: De bij de machine geleverde sleutel kan
worden gebruikt om de verschillende panelen op slot te
doen en van het slot te halen, en om de functies van de
startschakelaar van de motor te activeren. RCPH10WHL190AAH 2
3-1
--- Page 10 ---
3 - BEDIENINGSELEMENTEN EN INSTRUMENTEN
Bedieningspedalen
Rempedaal
Wanneer het rempedaal wordt ingetrapt, schakelt het de
remmen van de machine in.
OPMERKING: Het pedaal kan samenwerken met de ont-
koppelingsschakelaar van de transmissie of met POWE-
RINCH, voor een efficiëntere remwerking. Zie Ontkop-
pelingsschakelaar in Bedieningsinstructies - hoofdstuk 4
voor meer informatie.
LET OP: Op steile hellingen wordt het aanbevolen de te-
rugschakelmodus van de transmissie te gebruiken om te
helpen bij het remmen en oververhitting van de remmen
en vroegtijdige slijtage van de remschijven te voorkomen.
OPMERKING: Wanneer de machine wordt uitgescha-
keld, wordt automatisch de parkeerrem ingeschakeld.
RCPH10WHL435AAH 1
Rempedaal rechts (optie)
Er kan een extra rempedaal rechts worden aangebracht.
In dit geval kunnen het linker en rechter rempedaal wor-
den gekoppeld. Er kan met beide pedalen worden ge-
remd.
RCPH10WHL492AAH 2
Gaspedaal
Trap het gaspedaal in om het motortoerental te verhogen.
Wanneer u het pedaal loslaat, draait de motor met laag
stationair toerental.
RCPH10WHL435AAH 3
3-11
--- Page 11 ---
3 - BEDIENINGSELEMENTEN EN INSTRUMENTEN
Tweefunctieklep
Klep met twee functies - één bedieningshen-
del
1. BEDIENING VAN HEFARMEN EN BAK
A. FLOTATIE (ARRÊTERING) - Dit is een arrêteer-
stand. In de (arrêteer)stand voor FLOTATIE kan
de laderbak het bodemniveau volgen zonder dat u
de bedieningshendel beweegt.
B. NEERLATEN
C. VASTHOUDEN - De hefarmen en de bak van de
lader bewegen niet wanneer de bedieningshendel
in de stand voor VASTHOUDEN staat. Wanneer u
de bedieningshendel loslaat, keert deze automa-
tisch terug in de stand voor VASTHOUDEN. Vanuit
de stand voor FLOTATIE moet u de bedienings-
hendel handmatig in de stand voor VASTHOUDEN RCPH10WHL121BAL 1
zetten.
D. HEFFEN
E. STORTEN
F. TERUGKANTELEN
RCPH10WHL008AAL 2
3-21
--- Page 12 ---
3 - BEDIENINGSELEMENTEN EN INSTRUMENTEN
Polssteun
Stel de polssteun in op een comfortabele hoogte voor het
bedienen van de bedieningshendels van de lader.
RCPH10WHL111BAL 1
Stelknoppen:
Draai de stelknop los om de polssteun af te stellen. Stel
de polssteun af op een comfortabele hoogte. De pols-
steun kan omhoog en omlaag worden bewogen.
RCPH10WHL113BAL 2
3-31
--- Page 13 ---
3 - BEDIENINGSELEMENTEN EN INSTRUMENTEN
Display Omschrijving Correctie
Technische storing
gedetecteerd. 25 %
koppelreductie binnen
Neem contact op met uw erkende dealer.
25 min. Verdere
koppel-/toerentalreductie
2 h na eerste foutdetectie.
Brandstof Laag brandstofniveau Vul de brandstoftank - laat de tank niet helemaal leeg raken.
3-41
--- Page 14 ---
3 - BEDIENINGSELEMENTEN EN INSTRUMENTEN
Weergave-instellingen
Multifunctioneel LCD
Het multifunctionele LCD (LCD = Liquid Crystal Display)
bevindt zich in het midden van het modulaire instrumen-
tenpaneel. BIj het opstarten lichten de indicatielampjes op
de console kort op. Op het multifunctionele LCD knippert
het machinemodel. Vervolgens verschijnt het initiële stan-
daardrijscherm. Zodra de bestuurdersvoorkeuren zijn in-
gesteld, worden deze toegepast op het scherm.
OPMERKING: Na de eerste keer opstarten kan de be-
stuurder op de toets Return/Escape drukken om onmid-
dellijk het taalselectiescherm te openen. Hierdoor kan de
bestuurder een taal selecteren zonder in een onbekende
taal naar de voorkeursinstellingen te hoeven navigeren.
LEIL13WHL0137AA 1
De informatie wordt op het LCD weergegeven zoals aan-
gegeven door de bestuurder of automatisch door de ma-
chine. Het scherm maakt gebruik van prompts om de
bestuurder te helpen bij het programmeren van machine-
functies en het uitvoeren van diagnoses.
Het bovenste gedeelte van het LCD toont de ma-
chine-uren, de snelheid of toerentallen. Het display
wordt aangestuurd door de technologie in de machine
en afgestemd op de voorkeuren van de bestuurder. Het
weergegeven scherm is het standaardscherm. Indien de
rijsnelheid of het motortoerental is uitgeschakeld, wordt
de door de urenteller geregistreerde tijd weergegeven.
LEIL13WHL0137AA 2
Op de linkerkant van het scherm wordt de door de be-
stuurder geselecteerde transmissie-instelling vooruit,
neutraal of achteruit weergegeven. (V-N-A)
LEIL13WHL0137AA 3
In het voorbeeld worden de functieselecties (1) voor
de versnellingsbak weergegeven op de rechterkant van
het scherm. Dit zijn vermogensmodus, ontkoppeling,
joystick-sturing, POWERINCH, enz.
De gekozen versnelling (2) and in dit geval de modus van
de automatische transmissie worden weergegeven.
Rechtsonder (3) wordt de klok weergegeven. De tijd kan
worden ingesteld in 12 of 24-uurs stappen.
Een DEF/ADBLUE® vloeistofmeter (4) wordt onderaan het
scherm getoond. De verlichte balkjes geven aan hoeveel
DEF/ADBLUE®-vloeistof er in de tank zit.
LEIL13WHL0137AA 4
3-51
--- Page 15 ---
3 - BEDIENINGSELEMENTEN EN INSTRUMENTEN
Auto idle shutoff (Automatische uitschake-
ling bij stationair) (optioneel)
Met deze optionele functie kan de bestuurder de auto-
matische motoruitschakeling voor brandstofbesparing in-
en uitschakelen, en de tijd tot uitschakeling (5-60 minu-
ten) instellen in stappen van vijf minuten. De motor en
de geschakelde voeding worden uitgeschakeld wanneer
de machine stilstaat, de transmissie in de neutraalstand
staat en de motor stationair draait. De schermen geven
een teller weer met het aantal resterende seconden tot uit-
schakeling van de motor. Dit stelt de bestuurder in staat
om de uitschakeling te annuleren. Deze functie is ontwor-
pen om brandstof te besparen en slijtage van de machine
te beperken wanneer de machine een bepaalde tijd stati-
onair draait.
In de motorbeveiligingsmodus wordt een hogere mate
van systeembeveiliging geboden. Indien er een waar- RCPH10WHL390AAH 20
schuwing optreedt terwijl de machine rijdt, wordt het
motortoerental beperkt tot laag stationair ( 900 RPM),
om het mogelijk te maken verder te rijden. Wanneer
de machine stopt, wordt de motor uitgezet. Het beveili-
gingssysteem wordt geactiveerd wanneer zich een kritiek
probleem voordoet.
Markeer het item op het weergegeven scherm en druk op
de bevestigingstoets.
3-61
--- Page 16 ---
3 - BEDIENINGSELEMENTEN EN INSTRUMENTEN
Waarschuwingen op het display voor slechte
kwaliteit van DEF/ADBLUE®
Als deze weergave knippert, is de kwaliteit van de DEF/
ADBLUE® slecht en treedt er verlies van motorvermogen
op. De DEF/ADBLUE® moet worden vervangen.
LEIL14WHL0384AA 15
Als deze weergave knippert, is de kwaliteit van de DEF/
ADBLUE® slecht en treedt er verlies van motorvermogen
op. De DEF/ADBLUE® moet worden vervangen.
LEIL14WHL0385AA 16
Als deze weergave knippert, is de kwaliteit van de DEF/
ADBLUE® slecht en treedt er verlies van motorvermogen
op. De DEF/ADBLUE® moet worden vervangen.
LEIL14WHL0386AA 17
3-71
--- Page 17 ---
3 - BEDIENINGSELEMENTEN EN INSTRUMENTEN
3. Recirculatieschakelaar
Druk op de recirculatieschakelaar om verse lucht aan te zuigen of gebruik hem in combinatie met de
klimaatregeling om de luchtstroom af te stellen.
4. Afstelling van de klimaatregeling
Draai het bedieningselement rechtsom naar de gewenste temperatuur. Blauwe aanduidingen wijzen op lagere tem-
peraturen. Rode aanduidingen wijzen op hogere temperaturen bij gebruik van de verwarming. De schakelaars voor
de verwarming en de airco schakelen de functies in en uit.
OPMERKING: Zorg ervoor dat de waterinlaat voor de verwarming in de volledig ingeschakelde stand staat. Deze
inlaat bevindt zich linksachter in het motorcompartiment.
OPMERKING: Onder bepaalde omstandigheden kan er zich ijs vormen op het aircoblok. IJsvorming kan worden
veroorzaakt doordat het bedieningselement voor de airco in de stand voor maximale koeling staat terwijl het aanja-
gertoerental laag is. Het is het beste om de temperatuurregeling van de airco in het middenbereik te houden en een
middelhoog of hoog aanjagertoerental in te stellen. Een andere mogelijke oorzaak van ijsvorming is een verstopt
cabineluchtfilter.
3-81
--- Page 18 ---
4 - BEDIENINGSINSTRUCTIES
In gebruik onder extreme temperaturen
Werken met de machine in warme klimaten 4. Verwijder al het stof en vuil van de radiateur, de koeler
en de motor en zijn omgeving.
1. Zorg ervoor dat het koelvloeistofniveau in het koel-
5. Controleer de toestand van de aandrijfriem voor ac-
vloeistofreservoir en in de radiateur correct is.
cessoires.
2. Zorg ervoor dat u voor het koelsysteem de juiste
6. Gebruik smeermiddelen met de juiste viscositeit. Zie
mengverhouding van ethyleenglycol en water ge-
Vloeistoffen en smeermiddelen in hoofdstuk 7 – On-
bruikt.
derhoud.
3. Controleer de dop van het koelsysteem voordat u start
in warm weer. Vervang de dop indien nodig. Vervang
de dop door een origineel vervangingsonderdeel met
de juiste nominale drukwaarde.
4-5
--- Page 19 ---
4 - BEDIENINGSINSTRUCTIES
Afstandsbedieningshendels
Klep met twee functies - één bedieningshen-
del
OPMERKING: Deze pagina toont de basisstanden van
de bedieningshendel van de lader.
Zie "Schakelaars voor laderfunctie" elders in deze hand-
leiding voor de schakelaars terug naar graven, bakhoog-
teregeling en terug naar rijden/flotatie.
RCPH10WHL121BAL 1
RCPH10WHL045BAH 2
1. Bak storten del wordt losgelaten, moet hij handmatig uit de vlot-
tende stand in de stand voor vasthouden worden ge-
2. Bak terugkantelen
zet. (alleen bij ingeschakelde magneten).
3. Hefarmen heffen
6. Flotatie (arrêtering) - dit is een arrêteerstand. In de
4. Hefarmen neerlaten (arrêteer)stand voor flotatie kan de laderbak het bo-
5. Vasthouden - de hefarmen en de bak van de lader be- demniveau volgen zonder dat u de bedieningshendel
wegen niet wanneer de bedieningshendel in de stand beweegt. (alleen bij ingeschakelde magneten).
voor vasthouden staat. Wanneer de bedieningshen-
4-15
--- Page 20 ---
4 - BEDIENINGSINSTRUCTIES
Shuttlen (verandering van de rijrichting),
handmatig of automatisch
De machine hoeft niet volledig tot stilstand te worden ge-
bracht voordat u van rijrichting verandert (vooruit naar
achteruit of achteruit naar vooruit). Voor een soepele wer-
king en comfort voor de bestuurder, dient u het motortoe-
rental te verlagen voordat u van rijrichting verandert.
4-25
--- Page 22 ---
5 - TRANSPORTWERKZAAMHEDEN
5 - TRANSPORTWERKZAAMHEDEN###_5_###
Terugroeptransport
Veiligheidsvoorschriften
WAARSCHUWING
Gevaar van verbrijzeling!
Zet de stang voor de veiligheidsvergrendeling in de vergrendelde stand voordat u servicewerkzaam-
heden uitvoert of de machine transporteert.
Als u zich hier niet aan houdt, kan dit leiden tot ernstig of dodelijk letsel.
W1154A
WAARSCHUWING
Gevaar tijdens het rijden!
Zorg ervoor dat u op de hoogte bent van alle regels, voorschriften en wetten met betrekking tot het
transporteren of bedienen van deze machine over/op de openbare weg, en dat u weet welke veilig-
heidsuitrusting hiervoor vereist is. Neem contact op met uw dealer voor een zwaailicht, achteruitrija-
larm, waarschuwingsbord "langzaam rijdend voertuig" en andere veiligheidsuitrusting.
Als u zich hier niet aan houdt, kan dit leiden tot ernstig of dodelijk letsel.
W0154A
WAARSCHUWING
Gevaar bij transport!
De machine kan wegglijden of van een oprijplaat of aanhangwagen vallen. Zorg ervoor dat de oprij-
plaat en aanhangwagen niet glad zijn. Verwijder alle olie, vet, ijs etc. Rijd de machine op of van de
aanhangwagen, waarbij de machine in het midden van de aanhangwagen of oprijplaat moet worden
gehouden.
Als u zich hier niet aan houdt, kan dit leiden tot ernstig of dodelijk letsel.
W0152A
WAARSCHUWING
Gevaar bij transport!
Gebruik altijd de primaire stuurinrichting tijdens het laden of lossen van de machine voor transport.
Gebruik niet de joystickbesturing voor het laden en lossen van de machine op/van een truck of opleg-
ger.
Als u zich hier niet aan houdt, kan dit leiden tot ernstig of dodelijk letsel.
W0448A
Zorg ervoor dat u op de hoogte bent van de veiligheids- van kracht zijn op elke locatie waar u zich zult bevinden.
voorschriften en wetgeving, voordat u de machine trans- Zorg ervoor dat de truck en de machine zijn voorzien van
porteert. U moet op de hoogte zijn van de voorschriften of de juiste veiligheidsuitrusting.
wetgeving op het gebied van transport en veiligheid, die
5-1
--- Page 23 ---
5 - TRANSPORTWERKZAAMHEDEN
Uitschakelen van de parkeerrem van de af-
geslagen machine
WAARSCHUWING
Gevaar voor overrijden!
Wees u ervan bewust dat de parkeerrem niet
werkt als hij handmatig is vrijgezet. Blokkeer
de wielen van de machine na het parkeren met
wielblokken, om te voorkomen dat de machine
kan wegrollen. Repareer de parkeerrem zo
spoedig mogelijk.
Als u zich hier niet aan houdt, kan dit leiden
tot ernstig of dodelijk letsel.
W0020A
1. Indien de machine niet kan worden gestart om de
RCPH10WHL433AAH 2
parkeerrem uit te schakelen, gaat u als volgt te werk:
A. Plaats blokken voor en achter elk wiel.
B. Reinig de omgeving van de afscherming van de
parkeerrem, om het risico van verontreiniging te
elimineren.
C. Verwijder de parkeerremafdekking (1).
D. Draai de borgmoer (2) los.
E. Draai de stelschroef linksom tot de parkeerrem is
uitgeschakeld.
F. Zet de borgmoer vast en breng de afscherming
weer aan.
2. Als de machine meer dan 0.8 km (0.5 miles) moet RCPH10WHL434AAH 3
worden gesleept, moet u de aandrijfassen voor en
achter loskoppelen.
3. Sleep de defecte machine met een maximale snelheid
van 8 km/h (5 mph).
5-11
--- Page 24 ---
6 - BEDIENING VOOR WERKZAAMHEDEN
4. Nadat u de bevestigingspennen visueel hebt gecon-
troleerd, laat u het werktuig stevig en veilig op de grond
rusten.
RCPH10WHL326AAH 4
5. Draai de koppeling naar voren en omlaag terwijl u
langzaam achteruit wegrijdt van het werktuig.
RCPH10WHL324AAH 5
6-9
--- Page 25 ---
6 - BEDIENING VOOR WERKZAAMHEDEN
Schakelaar voor vooruit, neutraal, achteruit
(V-N-A-schakelaar)
A = Vooruit
B Neutraal
C. Achteruit
Er bevindt zich een F-N-R (vooruit-neutraal-achteruit)
schakelaar op de linker armleuning voor het comfort
van de bestuurder, als er gebruik gemaakt wordt van
de joysticksturing. De eigenschappen en functies van
de schakelaar zijn identiek aan die van de standaard
F-N-R-schakelaar. Deze F-N-R-schakelaar is alleen
actief als de joysticksturing geactiveerd is.
Om de V-N-A-schakelaar op de armleuning te kunnen ge- RCIL10WHL189BAL 14
bruiken, MOET u ervoor zorgen dat aan de volgende voor-
waarden is voldaan:
1. De machine moet stilstaan.
2. De motor moet draaien.
3. De V-N-A-schakelaar op de schakelaar moet in de
neutraalstand staan.
4. De standaardbedieningshendel van de transmissie
moet in de neutraalstand staan.
5. De parkeerrem moet zijn uitgeschakeld.
LET OP: de versnellingshendel op de stuurkolom heeft
altijd de prioriteit.
Kick down-schakelaar
De schakelaar voor lager schakelen wordt gebruikt om
één voor één door de versnellingen omlaag te schakelen.
Telkens wanneer de schakelaar wordt ingedrukt, schakelt
de transmissie één versnellingsgroep lager, totdat de eer-
ste versnelling wordt bereikt. Als de schakelaar voor lager
schakelen is ingedrukt, wordt de maximaal toegestane
transmissieversnelling verlaagd. Hij zal terugkeren naar
de automatische werking als de versnelling van de ver-
snellingshendel verandert, of de versnellingshendel eerst
in NEUTRALE stand wordt gezet en daarna in VOORUIT
of ACHTERUIT.
Als de bestuurder de automatische modus geselecteerd RCIL10WHL189BAL 15
heeft, brandt het lampje Automatische modus op het mul-
tifunctionele display.
6-19
--- Page 26 ---
7 - ONDERHOUD
De belangrijkste problemen met betrekking tot het LET OP: NEW HOLLAND CONSTRUCTION kan ertoe
gebruik van biodieselbrandstof zijn: leiden dat uw garantie vervalt indien het probleem ver-
band houdt met een lage brandstofkwaliteit door een
• Verstopping van filters en verstuivers door een slechte
foutief mengsel. Het is de verantwoordelijkheid van de
brandstofkwaliteit.
brandstofleverancier en/of uzelf om ervoor te zorgen dat
• Slijtage en corrosie van interne componenten doordat het juiste type brandstof en de juiste mengverhouding
water de smerende werking aantast. worden geleverd en gebruikt.
• Achteruitgang van de kwaliteit van een aantal rubberen
afdichtmiddelen in het brandstofsysteem. Opbergen
• Biodieseloxidatie die kan leiden tot de vorming van af- De machine mag niet langer dan 6 maanden worden ge-
zettingen waardoor het inspuitsysteem beschadigd kan stald bij gebruik van biodiesel in het brandstofsysteem.
raken. Voor langere stallingstijden wordt ten zeerste aanbevolen
LET OP: elk probleem in het brandstofinspuitingssys- dat alleen normale EN 590- of nr.2-dieselbrandstof wordt
teem van de motor dat verband houdt met het niet gebruikt.